Categorie Motor (A)
Lichte of zware motor
Het praktijkexamen voor de motor is er in twee categorieën, een lichte categorie (‘A beperkt’) en een zware categorie zonder beperkingen (‘A’). Als u jonger bent dan 21 jaar, moet u het examen afleggen op een lichte motor met een vermogen van minder dan 35 kW. Na het behalen van het rijbewijs is het rijden op een motor met een vermogen van meer dan 25 Kw niet toegstaan. Bent u 21 jaar of ouder, dan mag u kiezen of u het examen wilt afleggen op een lichte motor of een zware. Zo’n zware motor moet een vermogen hebben van 35 kW of meer.Examen met een lichte motor
Als u slaagt voor een examen op een lichte motor, krijgt u (ongeacht de leeftijd) een rijbewijs A met een beperkte bevoegdheid. U mag dan twee jaar lang alleen rijden met een motor met een vermogen van hoogstens 25 kW.Examen met een zware motor
Slaagt u voor een examen op een zware motor, zijn verder geen restricties aan verbonden.Het examen per 1 april 2004
Het praktijkexamen voor de motor bestaat per 1 april 2004 uit twee examens:- - Voertuigbeheersing
- - Verkeersdeelneming
Het examen Voertuigbeheersing
Het examen Voertuigbeheersing duurt in totaal twintig minuten. Het is een kort examen waarin u zeven oefeningen moet uitvoeren. Er zijn twaalf oefeningen die zijn ingedeeld in vier clusters:1) lopen met de motor en gebruik van de standaard (één daarvan is verplicht);
2) verrichtingen bij lage snelheid (zes oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze);
3) verrichtingen bij hogere snelheid (twee oefeningen, beide verplicht);
4) remoefeningen (drie oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze).
Naast de vijf verplichte oefeningen kan de examinator uit de overige zeven er twee kiezen. Als u slaagt voor het examen Voertuigbeheersing, ontvang u een uitslagformulier waarmee u kunt opgaan voor het examen Verkeersdeelneming. Het uitslagformulier is één jaar geldig
Het examen Verkeersdeelneming
Het examen Verkeersdeelneming duurt 55 minuten. Eerst heeft u een inleidend gesprek met de examinator in het examencentrum. Dan volgen op het parkeerterrein de ogentest en een aantal voorbereidings- en controlehandelingen van de (examen)motor waarna u aan de examenrit begint.Kledingeisen
Sinds 30 september 2003 gelden voor de motorkandidaat tijdens het motorexamen kledingeisen. Deze maatregel is bedoeld om de motorrijder beter te beschermen. Als kandidaat op het motorexamen moet u dan minimaal de volgende beschermende uitrusting dragen:Helm
U bent natuurlijk verplicht om een goedgekeurde helm te dragen. Het beste is een helm te dragen die licht is van kleur of die is voorzien van (retro-reflecterende ) kenmerken die ervoor zorgen dat u goed opvalt in het verkeer.
Oogbescherming
U gebruikt bij voorkeur een vorm van oogbescherming, zoals bijvoorbeeld een helmvizier, motorbril of (zonne)bril.
Schoeisel
U draagt hoge schoenen of laarzen die ook de enkel bedekken.
Handschoenen
U draagt handschoenen die de hand en zoveel mogelijk het polsgewricht bedekken.
Kleding
U draagt kleding waarvan de broek van stevig materiaal is. De jas moet het bovenlichaam en de armen helemaal bedekken. Broek en jas mogen één geheel vormen. De rijschool heeft de kleding voor u terbeschikking. Zoals helm, jas, handshoenen en broek. Voor alle kleding geldt dat u bij voorkeur kleding draagt die speciaal bedoeld is voor motorrijders. De uitrusting moet in ieder geval stevig genoeg zijn om u te beschermen als u onverhoopt valt (of bijvoorbeeld de hete uitlaat van de motorfiets raakt). Ook heeft u kleding bij voorkeur retroreflecterende eigenschappen, of andere kenmerken die ervoor zorgen dat u goed opvalt in het verkeer. Tot slot moet de kleding u voldoende beschermen tegen de weersomstandigheden tijdens het examen.
